ICT in het hoger onderwijs: een vergelijking tussen de nederlandse en internationale situatie

E. Beerkens, B. Collis, M. van Geloven, I. Lam, J. Moonen, E. Peters, A. Pilot, J. van Tartwijk, W. Veen, M. van der Wende

    Research output: Contribution to journalArticleAcademicpeer-review

    37 Downloads (Pure)

    Abstract

    In dit artikel worden de conclusies en aanbevelingen vergeleken van twee studies naar Informatie- en CommunicatieTechnologie (ICT) in het hoger onderwijs (Veen e.a., 1999; Collis & Van der Wende, 1999; zie ook elders in dit tijdschrift). Het eerste onderzoek betrof een inventarisatie van het educatief gebruik van ICT binnen alle faculteiten van reguliere instellingen van hoger onderwijs in Nederland. Het tweede onderzoek betrof de stand van zaken in het gebruik van ICT in het hoger onderwijs in België, Finland, het Verenigd Koninkrijk, Australië en de Verenigde Staten van Amerika. Beide studies werden uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van OC&W. In dit artikel vergelijken we expliciet de belangrijkste conclusies uit het nationale onderzoek met de resultaten uit het internationale onderzoek om op hoofdpunten de positie van Nederland te verduidelijken in het internationale veld. Er blijken grote overeenkomsten te zijn in de stand van zaken en de knelpunten. De belangrijkste overeenkomst is het algemene gebruik van standaardapplicaties, inclusief e-mail. De meeste landen in het internationale onderzoek hebben echter aanzienlijk meer ervaring, diversiteit, geavanceerdheid en diepgang in het gebruik van ICT, vooral ter ondersteuning van cursusactiviteiten; zij vertalen dit gebruik naar strategische voordelen, die vooral verband houden met een beoogde toename van de flexibiliteit en efficiëntie in hun instellingen voor hoger onderwijs. De tendens tot dual mode activiteiten in deze landen geeft economische en strategische stimulansen tot institutioneel gebruik van technologieën zoals video-conferencing en bepaalde WWW-systemen. Het ontbreken van deze tendens in Nederland (en België) is wellicht de belangrijkste oorzaak voor de naar verhouding (nog) geringe mate, waarin WWW en videoconferencing hier gebruikt worden. Nationaal en internationaal zijn de belangrijkste knelpunten: onvoldoende tijd en ICT-competentie van docenten, en het gebrek aan inzicht bij faculteiten en onderzoekers in de effectiviteit en efficiëntie van ICT-gebruik. Samenwerking bij de ontwikkeling van ICT ligt voor de hand, maar is toch relatief weinig intensief in het Nederlandse HO. Maar in de internationale studie is ook gebleken dat het in alle onderzochte landen moeilijk is inzet en schaalvergroting te handhaven als het innovatieproject afgelopen is, dat deze samenwerking regelde
    Original languageDutch
    Pages (from-to)226-231
    Number of pages5
    JournalTijdschrift voor hoger onderwijs
    Volume17
    Issue number3
    Publication statusPublished - 1999

    Cite this